Presenteer je Infographic!

Infographic-over-water

Infographics zijn mooi. In een fraai vormgegeven overzicht krijg je duidelijk allerlei feiten en verbanden over een bepaald onderwerp.

Dat betekent enerzijds dat je als kijker getrokken wordt en een uitdagende en visuele samenvatting krijgt van een bepaald onderwerp. Aan de andere kant heeft iemand zich dus enorm verdiept in het onderwerp: alle hoofdzaken uitgezocht, samenvattingen gemaakt en verbanden gelegd om het onderwerp overzichtelijk neer te zetten. En daar zie ik direct een nieuwe kans voor het onderwijs!

Dus: ga je weer spreekbeurten organiseren? Heb je projecten (zoals zaakvakken) die leerlingen uit moeten diepen of zijn er leuke rekenstrategieën die je wilt behandelen en door kinderen zelf uit wil laten leggen? Stop met die Powerpoints, of met de Prezi’s. Ze zijn leuk, maar eigenlijk niet meer van deze tijd. De presentaties van nu zijn Pecha Kucha’s, korte kernachtige animaties of fraaie infographics!

Met deze voorbeelden kom je gelijk tot de kern van de zaak. In een korte boodschap moeten leerlingen het onderwerp overbrengen. Dus moeten ze goed nadenken wat ze willen vertellen en wat de kern van de opdracht / het project is. Je gaat dus niet eerst zoveel mogelijk info verzamelen wat je vervolgens in een Powerpoint moet stoppen, maar bedenkt: ik moet in een x-tijd iets presenteren  over onderwerp-y . En van daaruit ga je de opdracht uitvoeren en direct al rekening houden met de samenvatting. En dat wordt nog leuker en efficiënter in samenwerkingsverband!

Probeer het eens! Pikochart is bijvoorbeeld een leuke tool! En als je toch bezig bent, misschien ook iets om de schoolgids in die vorm te gieten? Wedden dat ouders enthousiast worden en dat wel lezen? 

 

Games als vak in Onderwijs

Gisteren las ik met interesse het artikel ‘Zweedse school geeft les met Minecraft’

Er is veel te vinden over gaming in het onderwijs. Waren games 10 jaar geleden nog ‘spielerij’ en ‘not done’ – behalve op de vrijdagmiddag – nu merk je dat er na veel onderzoek met positieve resultaten, ervaringen, ontwikkelingen en inzichten van leerkrachten gaming steeds meer een plek krijgt in het onderwijs. Wat is er uitdagender om spelenderwijs (onbewust) te leren? Het is toch gaaf om, met slimme truukjes, vrienden te verslaan en badges te verdienen? Vaak zijn games daarbij gericht op 1 vakgebied of op het ontwikkelen van vaardigheden ontwikkelen (zoals automatiseren) waarbij kinderen door het behalen van credits, gifts, badges enz. beloond worden (Pavlov? ;) )

Wat er in Zweden gebeurt is niet nieuw, maar dat het verplicht wordt als vak is wel een boeiende ontwikkeling. Minecraft wordt dus in feite gebruikt om alle verworven vaardigheden en kennis te gebruiken om het spel optimaal te spelen. En loop je ergens tegenaan? Dan ga je onderzoeken hoe je dit het beste kan tackelen. Zelf, samen met je klasgenoten of met hulp van je leerkracht. Het spel is een continu proces, dus je bent niet met een eindproduct (toets) bezig.

Dus geen CITO-toets meer – maar een game om inzicht te krijgen in de ontwikkelde vaardigheden!

De toekomst van het klaslokaal

Vanochtend las ik een blog met als titel: ‘The Future of Classrooms’. Hierin wordt verwezen naar de voorspellingen van Larry Cuban, onderwijsprofessor op Stanford University.

Zijn visie is interessant, en wat hij benoemt zie je nu ook in de praktijk gebeuren: de trend naar digitalisering van leermaterialen, Learning Analytics / datamining en de veranderende rol van de leerkracht. Cuban is verder kritisch over online cursussen en de manier waarop nieuwe technologie ingezet wordt in het onderwijs: het wordt merendeel ingezet als vervangend materiaal zodat het onderwijs exact hetzelfde blijft en er didactisch en pedagogisch niets verandert.  John Moravec hamert hier ook steeds op.

De blog lichtte één aspect uit: de toekomst van het klaslokaal. In Nederland zie je enkele pioniers die zich daar volledig op richten: open leerruimten, veel glas, flexibel ingericht waardoor homogene groepen (ingedeeld op niveau per vakgebied) les kunnen krijgen en ingericht voor voor- en naschoolse opvang. Dat staat haaks op wat Cuban voorspelt. Hij zegt juist dat in 2023 het lokaal nog net zo herkenbaar is als nu, of 50 jaar geleden.

Dit zie ik als een waarschuwing. Als we nieuwe media als ‘vervangend’ blijven gebruiken (Schools should not use new technologies to teach the same old crap’- Moravec) en niet zorgen voor een verandering in de onderwijsvisie, mede gebaseerd op society 3.0 waarbij de veranderende rol van de leerkracht centraal staat, denk ik dat Cuban best eens gelijk kan krijgen. Op een paar pioniers daargelaten.

Volgens mij begint dat met de deuren open te gooien en te kijken naar de huidige maatschappij, en met name hoe kinderen er hier zich in bewegen en ontwikkelen.

 

 

 

The Flipped Classroom

Uit onderzoek blijkt maar weer dat ‘ontdekkend onderwijs’ het meeste leerrendement biedt, als het gaat om het inzetten van ICT-middelen.

Ondertussen zie je wereldwijd de trend ontstaan rond ‘flipped classroom’ – waarbij de uitvoerende rol van de leerkracht verandert van ‘doceren’ naar ‘coachen’. Eigenlijk is dat geen nieuws en al helemaal geen nieuwe ontwikkeling. Veel leerkrachten werken al jaren voor een deel op deze wijze. Omdat ze bijvoorbeeld 3 groepen tegelijkertijd moeten draaien (krimp), omdat er veel zorgleerlingen in de groep zitten (passend onderwijs), omdat de groepen veel groter worden (budget) of omdat het een kenmerk is van het onderwijstype.

Of de coachende rol uit nood geboren is, of juist past bij de onderwijsvisie van de school: het is altijd behelpen geweest. Iedereen vond zijn eigen systeem uit en elke leerkracht had vaak zijn/haar eigen manier van werken hierin gevonden.

Door de komst van de tablet, social media, breedband / glasvezel, educatieve content, MOOC’s, digitale toetsen en de huidige samenleving kan het organiseren van een flipped classroom in de klas wel een stuk eenvoudiger worden. Het betekent alleen ook dat de huidige, en de nieuwe generatie, leerkrachten de digitale didactiek onder de knie moeten hebben. Dus weg dat oude DA-formulier, op naar het DDA-formulier!

Saillant detail: uit hetzelfde onderzoek van Kennisnet blijkt dat we in onderwijsland weinig investeren in professionalisering…. en ijzersterk zijn in het maken van protocollen!

 

Boeken het raam uit (3) – de kinderen

Dit is een interessante video van Howard Gardner – de grondlegger van de theorie rond Meervoudige Intelligentie. In de video geeft hij zijn kijk, als 65-jarige, op de digitale jeugd en alle media die nu voor handen is.

Gardner is er van overtuigd dat de 8 (9) door hem beschreven intelligenties nooit allemaal helemaal ‘gedigitialiseerd’ kunnen worden. Hij hoopt dan ook dat het gebruik van nieuwe media er niet doorheen gedrukt wordt bij een leerling. Daar ben ik het volledig mee eens. Dat digitalisering in het onderwijs hard gaat is een feit. Maar het kan volgens mij niet zo zijn dat we, zoals ik al eerder schreef, al ons huidig materiaal alleen digitaliseren en we door gaan met onze lessen draaien. We moeten ook altijd rekening blijven houden met de kinderen zelf. Ik ben er wel van overtuigd dat dit altijd kan in combinatie met nieuwe media, maar als er ‘analoge’ onderwijsoplossingen zijn die beter zijn voor een leerling zou ik dat zeker aanbieden. Het kind wat bijvoorbeeld een 3D oplossing moet bouwen heeft er misschien meer aan om dit lekker met papier te frobelen in plaats van een tekening maken op een device. Dat dit vervolgens gedigitaliseerd wordt en in een online portfolio terecht komt is natuurlijk logisch ;)

Daar draait het allemaal uiteindelijk om: het kind, de leerling. Door de komst van de tablet en 24/7 toegang tot internet ontdekt een kind zelf ontzettend veel en leert het op zijn/haar manier. Dit moet wel gestuurd worden, maar niet geforceerd (vanuit een volwassen oogpunt). Het kind is van nature eager te leren en vindt dat leuk. En leren doet een kind echt niet alleen op school.

Een aanrader om eens doorheen te struinen is deze site, met veel praktijkervaringen: The Digital Generation Project

 

 

Boeken het raam uit! (1)

Sinds enkele maanden word ik regelmatig uitgenodigd door bovenschoolse directies (Primair Onderwijs) die meer willen weten over de digitalisering in het onderwijs. Het opmerkelijke is dat men, onafhankelijk van elkaar, steeds hetzelfde uitgangspunt benoemt: in 2015 wil men over naar totaal digitaal onderwijs. De boeken het raam uit! Zo nieuw is het idee alleen niet. In 2001 hield ik, als ICT-coördinator, hier al presentaties over. Het leek mij ideaal: lagere kosten, geen kopieerwerk, verlaging van de administratielast, altijd up-to-date. Nu, dik tien jaar later, hoor ik dezelfde argumenten.

Alleen sta ik er nu zelf anders in.

Vanuit het onderwijs geredeneerd snap ik dit ambitieuze uitgangspunt. Vanuit mijn werk zit ik er dan ook middenin en weet precies wat er speelt en komt op dat gebied. Maar er is meer dan de situatie in de klas. Dat is niet in één blog te beschrijven. De komende tijd wil ik dit in losse onderwerpen uiteenzetten. Je hebt namelijk wel te maken met meer dan de methoden alleen. Denk aan de visie, didactiek, content, ouders en de professionals, de leerkrachten. En als belangrijkste: het kind!

Het eerste, en misschien het meest confronterende: de visie. Een visie kan zijn dat je als school of bestuur maximaal aan wil sluiten bij de belevingswereld van het kind, of dat je met behulp van digitale media kinderen wil motiveren om te leren of dat je de ambitie uitspreekt om ieder kind op maat onderwijs aan te bieden. Allemaal niets mis mee! Alleen wordt dan ICT (lees: de tablet) gezien als de oplossing met de digitale content. Vraag je vervolgens door, dan komt men bijna allemaal op het vervangen van de huidige methode voor de digitale variant. Copy paste / CTRL C | CTRL V. De boeken en schriftjes moeten op de tablet, en alle ingevoerde informatie moet op een dashboard bij de leerkracht komen, die dan direct een advies krijgt voor zijn groepsplan en handelingsplannen.

En daar gaat men, volgens mij, al te snel te kort door de bocht. Moravec is dan ook duidelijk: ‘Schools should not use new technologies to teach the same old crap’. Point taken. Dat digitalisering plaatsvindt is duidelijk, dat de tablet dit proces versnelt, duidelijk. Maar om dan nu te stoppen met investeren en drie jaar lang te wachten op de digitalisering vind ik niet verstandig. Digitalisering moet niet zo’n hype worden als dat de digiborden waren.

Ik zou ervoor kiezen om de komende tijd na te denken over het onderwijs zelf (Doel – gewenst resultaat) waarbij alle stakeholders in kaart gebracht worden. En dan niet de visie vastleggen voor 2015, maar richting 2020. En dan de middelen benoemen die bijdragen om het doel te realiseren. Zorg er daarbij voor dat de huidige generatie kinderen niet de dupe zijn. En als ik één tip mag geven: schakel voor dit traject de experts in, die de spiegel voor durven te houden, de markt kennen en een kijk kunnen geven in de toekomst en laat je niet leiden door de commercie.

In 2000 moest ik een visiestuk schrijven voor mijn school hoe ik het onderwijs zag in 2010. Ik voorzag in 2010 dat leerlingen met DSM’s aan de slag waren (Digital Student Managers) – tablets. Ik zat er helaas een jaar naast.. :)

Lokalen zonder muren – echt onderwijs wat bij jou past!

Waarom zou je als student kiezen voor 1 hogeschool of universiteit? Waarom zou je beperken tot 1 onderdeel of een college bijwonen als er op een andere locatie iets georganiseerd wordt wat je veel meer trekt? Wat voor kansen heb je na je studie als je papieren hebt van Harvard, MIT en Berkeley, in plaats van 1?  Een fantastische samenwerking in het onderwijs ! 

De scholen zijn weer begonnen! #school 3.0?

Maandag heb ook ik de kinderen weer keurig afgeleverd in de school, mede-ouders weer begroet in de lange gang en ondertussen de kinderen, die toch zenuwachtig zijn voor hun nieuwe toekomst, begeleidt naar de lokalen.

De bel gaat en de deuren gaan dicht. De school is weer begonnen. De plannen zijn al gemaakt, de vergaderdata zijn genoteerd, de studiedagen ingepland en de onderwijsdoelen staan scherp op het netvlies.

Als ik door de school naar de deur loop valt het me op dat er nieuwe pc’s staan, en dat er ook weer een digibord bij is geplaatst. Dan word ik nieuwsgierig (noem het beroepsdeformatie).  Wat is de reden van vervanging? Is alles weer keurig 1 op 1 vervangen? Waarom de keus voor dat digibord, en op die plek? Heeft het te maken met een onderwijsinhoudelijk gesteld doel? Of omdat het bestuur gewoon de vervanging geregeld heeft? Wie gaat ermee werken? En waarom horen of zien wij dit niet als ouder?

Direct komt bij mij de treffende one-liner van John Moravec boven:

Schools should not use new technologies to teach the same old crap. Schools 3.0 will need to rebuild themselves not on software, not on hardware, but on mindware.”

Want ik mis als ouder eigenlijk die facebookpagina met vakantienieuws vanuit de groepen, het twitteraccount dat maandag de kinderen van groep 3 voor het eerst gymspullen mee moeten nemen, de actuele oudpapierkalender waarop ik ook kan zien wanneer ik mee moet rijden..

En stiekem.. ook de webcam om even te zien hoe m’n kinderen het doen die eerste dag ;)

Niets mis met nieuwe hardware! Maar het wordt tijd dat het onderwijs zich op gaat maken voor de huidige samenleving. Als school ben je in feite immers een bedrijf, een eigen onderneming! Maak een ondernemersplan en breng alle stakeholders in kaart, niet alleen de kinderen! ook je tweede belangrijke groep: de ouders! Samen die kar trekken, samen zorgen voor een nog beter onderwijs! Tijd voor het schoolvoorbeeld. 

Kopieren en aanpassen

Een enthousiaste retweet, die door mij vervolgens opgepakt wordt, lijkt ineens voor opschudding te zorgen. Een community van Kennisnet heeft voor de verschillende onderbouwpakketten van uitgeverijen lesmateriaal verzameld. Dit materiaal is ontwikkeld door de professionals, de gebruikers, en goed bedoeld online gezet om anderen te helpen.

Er zit veel eigen ontwikkeld materiaal tussen maar er is ook een pagina compleet gevuld met beeldmateriaal van de methode Schatkist . Dat was dan ook de reden dat ik reageerde.

Gezien de reacties, publiek en DM lijkt het haast of ik een ongeschreven regel heb overtreden. Van terughoudende reacties tot ‘wat doe je nou?’ en ‘ik had het niet moeten twitteren!’.

Het is algemeen bekend dat het onderwijs veel kopieert. Ik begrijp de gebruikers en ik begrijp de uitgevers. Maar in deze tijd kan ik me voorstellen dat je als uitgever nu ook de kans kan (en moet) grijpen om de mogelijkheden die de huidige online technologie biedt te benutten. Verbieden kan, maar heeft veel minder zin dan het te stroomlijnen: je houdt het toch niet tegen. En online kan je er tenminste nog wat mee.

Denk aan co-creation, crowd-creation/crowd-sourcing. Wat wil je nog meer? Een (kritische) gebruiker die het materiaal aanpast en suggesties online plaatst. Je kan daar als uitgever volgens mij fantastische dingen mee doen.

Nu moet ik wel erkennen dat ik het niet publiekelijk opgepikt had als het om een fraaie Yurls-pagina ging. Ook niet goed, maar wel de fraaie voorbeelden waar je een bedreiging kan zien als kans. Maar dat zoiets via een officieel kanaal van Kennisnet gepromoot wordt vind ik een boeiende reden om het ter discussie te stellen!