Engage me!

De Nederlandse varianten zijn redelijk bekend geraakt. Maar heb je gezien wanneer deze geupload is? Yep: 2009! Wij zijn onderhand 5 jaar verder en worstelen hier met keuzes als ‘welke tablets zullen we aanschaffen’ , ‘welke touchscreens kopen wij’, ‘wat doen we met de afgeschreven digiborden’, ‘hoe kunnen we goedkoper digitale leermiddelen uit de cloud halen’ en  ’hoe kunnen we de administratielast verlichten’? Lees ook dit: wat geeft het basisonderwijs uit aan ICT

En ondertussen blijft iedereen roepen ‘ICT is echt een middel, nooit een doel!’ (uitzonderingen gelukkig daargelaten)

De trends zijn dan ook niet verrassend: Zie het trendrapport van Kennisnet , de term 2020 is  bijna trending (Nederlands / Engels) en de PO Raad en VO Raad hebben het ook al verklapt waar we naar toe gaan. Zouden we ons dan technisch vast klaarstomen voor over 6 jaar? Is dit de zoveelste digitale revolutie?

Volgens mij vergeten wij in deze ratrace iets… : WAAROM? Of zoals Simon Sinek het mooi vertaalt in de Golden Circles ” Waarom doen we zoals we doen, en wat denken wij daarmee te bereiken? ”

Laatst was ik op een school. De ICT-coordinator was retetrots: het WIFI was op orde, er waren 20 iPads, er werden pilots gedaan met enkele uitgevers, kinderen enthousiast, leerkrachten enthousiast, allemaal prachtig. Het was zelfs zo mooi: een leerkracht kwam laatst naar hem toe omdat er een kind een probleem had met procenten, of daar een handige app voor was! Ik kon het niet laten… en vroeg hem wat het verschil was met 10 jaar geleden: wat zou die zelfde collega toen gedaan hebben?

Dat moment, dat moment was echt onbetaalbaar. Ik zag het gezicht betrekken en de reactie kwam:  ”Die collega was naar de IB-er gestapt en had gevraagd naar een kopieerblad om de procenten te oefenen”. I rest my case.

Dat brengt mij bij terug bij bovenstaande video,  de huidige maatschappij 3.0  en de massa ‘social media video’s versie x.x. We kennen ze, we vinden ze prachtig, om vervolgens weer in de apps te duiken, in de waan van de dag. Maar als we nou eens het kind centraal stellen? Het kind wat in deze samenleving opgroeit? Het kind wat alle technologie al vanaf de geboorte meekrijgt en van nature leergierig is. Het kind wat misschien in 2030 iets doet wat wij nu nog niet kennen.

Waar heeft dat kind, deze leerling behoefte aan? Hoe kunnen wij het helpen ontwikkelen tot iemand die zich kan redden in de samenleving? Hoe leren wij het kind leren? De 21st Century Skills zijn goede handvatten… om te weten waar kinderen behoefte aan hebben en wat leerkrachten echt moeten beheersen. Het zou de leerkracht uit bovenstaand voorbeeld geholpen kunnen hebben.

Maar volgens mij begint het met een nieuw ‘toverwoord’: VISIE. Laat je zo breed mogelijk informeren inspireren en motiveren. En kijk dan wat het kind anno 2014 nodig heeft, welke middelen er zijn en wat er nodig is, om jou als professional, dit te realiseren.  En kijk niet alleen: vraag het eens aan de kinderen!

Waarom doe je zoals je doet, en wat denk je ermee te bereiken.

Ik ben benieuwd naar het filmpje in 2020.

Kahoot! echte interActie

kahoot2

 

Was gamification 15 jaar geleden nog ‘spielerij’, de laatste jaren komen de elementen steeds meer naar voren tijdens lessen. Leerlingen worden steeds vaker digitaal uitgedaagd, kunnen badges halen en gaan de competitie onderling aan. Met de huidige technieken in de klas is de basis in ieder geval meestal al gelegd.

Een fraaie toepassing die hierop inspeelt is Kahoot! Een relatief nieuwe (en gratis!) tool op de markt die de docent zijn of haar les op een heel eenvoudige manier heel uitdagend kan maken.  Ze omschrijven het zelf als ‘game based learning’. Denk aan Socrative met stemkastjes en een uitdagende spelvorm met tijdsdruk en je hebt Kahoot!

De docent kan een gratis account aanmaken bij Kahoot! In de omgeving van Kahoot! kunnen eenvoudig quizzes, discussies en surveys gemaakt worden, waarbij de nadruk ligt op het multimediale: afbeeldingen, video’s, kleuren en muziekjes. Alles om het zo uitdagend mogelijk te maken voor de leerlingen.

Als de quiz, discussie of survey klaar is, kunnen de leerlingen zich aanmelden via http://kahoo.it waarna ze de pincode die op het grote scherm staat in moeten vullen. Vervolgens vullen ze hun naam in en het feest kan beginnen! Voor elke vraag wordt er afgeteld, al dan niet begeleid door een opzwepend muziekje. Als iedereen geantwoord heeft via zijn device verschijnt het goede antwoord op het grote scherm. De docent kan de quiz automatisch laten verlopen of per vraag de resultaten bespreken.

Het grote verschil met Socrative is dat Kahoot! de mobiele devices, zoals tablets en smartphones echt gebruikt als kleurrijke stemkastjes en de vragen staan op het grote scherm van de docent. Bij Socrative staan de vragen ook op de devices en kan een quiz zelfs als huiswerk meegegeven worden, wat bij Kahoot! niet kan. Daarnaast is het spelelement het uitgangspunt bij Kahoot! Ze maken dus echt gebruik van gamification.

Wat ik zelf ook erg kan waarderen: aan het einde van de quiz kan de leerling de quiz beoordelen. Zo krijg jij als docent ook direct feedback!

Probeer het gewoon: www.kahoot.it 

Generatie Z

BaBirChCAAAZV_R.png-large

 

Generatie Z: Geen SMS, Geen E-Mail, Geen PC, tablet of Smartphone, geen brieven of televisie en vooral niet face-to-face IRL (In Real Life).. Persoonlijk vind ik het niet handig dat ze gelijk achterin het alfabet beginnen. Want wat komt er na Z? Maak de reeks af:

1961 – 1980 – generatie X

1981- 1995 – generatie Y

1996 –  ?  Generatie Z

En? Ik kom uit op 2006 waar de volgende generatie start. Ik denk dat wij nu op het punt zijn aangekomen waarbij de term generatie misschien losgekoppeld moet worden van het authentieke ‘zoon-vader-opa’ (of de vrouwelijke variant) naar ‘oudste broer-jongere-broer-jongste broer’ (ook hier zijn variaties mogelijk).

In eerdere blogs schreef ik al over #society30 , de samenleving die denkt vanuit crowdsourcing, samenwerking hoog in het vaandel staat, als het maar efficiënt en betrouwbaar is, waarde creëert en gebruik makend van ieders expertises.

Wordt het dan niet eens tijd om met z’n allen na te denken hoe wij deze generatie Z kunnen faciliteren in hun ontwikkeling? Als je de monitor Trends in Beeld van OCW ziet, komt 19% van de leerkrachten uit de Y-generatie, de rest is eigenlijk al fossiel (ik mag het zeggen als X-generatie).  Maar ik ben er wel van overtuigd dat je de ‘oudere’ generaties nodig hebt om juist de jongere te helpen. Dus niet: ‘het heeft altijd zo gewerkt, dus we blijven hieraan vasthouden’ maar openstaan voor het feit dat er een generatie in de schoolbanken zit die echt midden in de samenleving staan en deze verder uitbouwen! Zo dacht ik van de week dat mijn zoon van 7 lekker rustig een boek aan het lezen was, tot hij enthousiast riep of ik even wilde komen kijken. Niks boek lezen, hij had een app ontdekt en out of the blue maakte hij zijn eigen verhaal!

Gepersonaliseerd leren, leren op maat, onderwerpen die staan te trappelen om uitgerold te worden. Maar het werkt alleen maar als de ouder, de school en vooral de leerkracht er open voor staat en ermee om kan gaan. Wij houden het echt niet tegen, dus laten we het ‘fossielen’ accepteren, omarmen en ondersteunen! Ter illustratie hieronder nog een mooie infographic. Ga ik mijn zoon ondertussen leren hoe hij Bitcoins kan minen ;)

Generation-Z-Infographic

 

 

DE KRIMP – biedt kansen!

Cijfers CBS

 

Het CBS heeft een nieuw rapport gepubliceerd over de bevolkingsgroei in Nederland. De uitkomsten zijn niet spannend, wel interessant! Lees het rapport hier

Nederland vergrijst. In 2025 is 22% van de bevolking 65 jaar of ouder. Nu is dat nog ‘maar’ 16%. Jongeren trekken naar de grote steden en ouderen blijven achter.

In het noorden is de krimp een spookterm wat als rode draad loopt door vrijwel elk onderwijsbeleid. “Hoe moet worden omgegaan met de dalende leerling aantallen”.  Daarbij horen dan vrijwel altijd, mooi gezegd, impopulaire maatregelen: klassen vergroten, scholen sluiten, lopende contracten herzien, zzp-ers inschakelen en ga zo maar door. Laatst las ik zelfs een artikel over onrendabele vierkante meters (leegstaande lokalen). Ondertussen blijft men angstvallig vasthouden aan de verzuiling en worden er nieuwe gebouwen geplaatst op meer ‘vruchtbare’  wijken waar uiteindelijk twee identiteiten onder een dak komen. Dat lost dus het probleem KRIMP niet op. Sterker nog, ik denk dat dit de leefbaarheid in de buitengebieden misschien juist nog minder maakt omdat de lege schoolgebouwen verdwijnen. Maar dat is een andere discussie.

In dit rapport staan interessante feiten. Waarom zou je bijvoorbeeld als school proberen zoveel mogelijk kleuters te krijgen, als het een keihard feit is dat de regio leegloopt? Is dat niet trekken aan een dood paard? Uiteraard, ik ben er van overtuigd dat je als school moet blijven profileren, zoals met www.hetschoolvoorbeeld.nl . Je moet in beeld blijven, en dat kan perfect door het gebruik van social media. Ook ouderbetrokkenheid blijft essentieel, of beter: dit wordt een randvoorwaarde om überhaupt te overleven. Maar moet je nu focussen op groei of juist behoud? Ik denk zeker dat het ook zo interessant wordt om meer te kijken naar de ouderen in onze samenleving, die 22% in 2025. Die blijven op hun plek in de regio maar niet achter de geraniums omdat we steeds gezonder oud worden. Dat zal een groei geven van vraag naar diensten, zoals bibliotheken, sociale plekken, ouderen activiteiten. En dan denk ik even aan de term ‘onrendabele vierkante meters’. Dat biedt toch kansen?

Over krimp gesproken – het Kennisnetwerk Krimp Noord-Nederland biedt veel interessante informatie en gaat uit van kansen voor iedereen.

Ik vind het interessant.

 

 

 

 

Een interessant initiatief is het Kennisnetwerk Krimp Noord-Nederland

 

Communicatie

communicatie_fokkeensukke

 

(c) Reid, Geleijnse & Van Tol bron:  http://www.foksuk.nl/

Het is onderhand wel duidelijk dat de ‘C’ van ICT een prominente plek heeft gekregen. Ging het vroeger vooral om de techniek en infrastructuur (het hoe), nu is de hele wereld bezig met de communicatie (het wat).

Ik vind het gaaf. Sinds mijn eerste stappen op het net, begin jaren 90, ben ik fanatiek aan het digitaal communiceren. Mailen via usenet (wat dagen duurde voor je een reactie had) tot de chat op BBS-en, en daarna kwamen de Fora, MSN, Skype, ‘echte’ e-mail, SMS en weer later social media als FaceBook, Twitter, whatsapp en Snapchat. De ‘analoge’ voicemail heeft mij trouwens nooit kunnen bekoren..

De tools zijn voorhanden, en nu zie je dat er keuzes gemaakt gaan worden. In Amerika zijn er zelfs universiteiten waar geen nieuwe mailadressen meer aangemaakt worden voor studenten. Allereerst hebben ze deze zelf al, en communiceren gaat via online platforms/wiki’s en niet meer via cc’s per mail.

En hier in Nederland? Leren wij kinderen nog e-mailen (als doel) of leggen we de focus op ‘efficiënt communiceren’? Eerlijk gezegd zie ik wel een ontwikkeling in het gebruik van digitale middelen als bronnenmateriaal en presentatiemateriaal, maar de volgende stap: samenwerken via nieuwe media, intern (klasgenoten) of extern (vakexperts) vinden vooral plaats op pilotniveau.

Is het een idee om het oude DRO eens op een ludieke manier om te zetten in het SRO? (Sociale Rijbewijs Onderwijs)? En dan gelijk ook voor kinderen? Ik doe mee!

Privacy? Koop een typemachine

>20130814-205751.jpg

Vandaag stond het volgende op bright.nl

“Google: geen privacy verwachten bij Gmail

Google claimt in een rechtszaak dat gebruikers van Gmail vooraf wisten dat ze niet konden rekenen op privacy. Ouch!

http://www.bright.nl/node/25652 ”

—-

Verrassend..

Al sinds de komst van Gmail in 2004 is er gesteggel rond de privacy van de gebruikers. “Als het gratis is, ben jij het product” kwam al snel als slogan bij de internetexperts naar voren. Google zat als zoekmachine flink in de lift en deze nieuwe dienst met maar liefst 15Gb werd uitbundig omarmd. Met name als concurrent van Microsoft’s Hotmail. Het gekke is dat deze dienst eerder al ook niet helemaal zuiver werd bevonden qua privacy.

Naast de eigen ‘ruime’ algemene voorwaarden van de dienstenleveranciers is er natuurlijk de laatste tijd ook veel aandacht, dankzij de klokkenluiders, voor externe factoren. Denk aan de NSA, die waarschijnlijk nu ook deze blog al gescand hebben..

Gelukkig is het onderwerp #privacy steeds meer een item wat ter sprake komt, met name via de media. Het onderwerp is onnoemelijk breed, neem alleen het onderdeel e-mail maar. Iedereen moet er zich van bewust zijn/worden dat echte privacy via dit medium nauwelijks meer bestaat. Kijk op internet en niemand weet een eenduidige oplossing. Behalve Rusland :) Al is de vraag of de post in Nederland daadwerkelijk aankomt bij de geadresseerde ..

Presenteer je Infographic!

Infographic-over-water

Infographics zijn mooi. In een fraai vormgegeven overzicht krijg je duidelijk allerlei feiten en verbanden over een bepaald onderwerp.

Dat betekent enerzijds dat je als kijker getrokken wordt en een uitdagende en visuele samenvatting krijgt van een bepaald onderwerp. Aan de andere kant heeft iemand zich dus enorm verdiept in het onderwerp: alle hoofdzaken uitgezocht, samenvattingen gemaakt en verbanden gelegd om het onderwerp overzichtelijk neer te zetten. En daar zie ik direct een nieuwe kans voor het onderwijs!

Dus: ga je weer spreekbeurten organiseren? Heb je projecten (zoals zaakvakken) die leerlingen uit moeten diepen of zijn er leuke rekenstrategieën die je wilt behandelen en door kinderen zelf uit wil laten leggen? Stop met die Powerpoints, of met de Prezi’s. Ze zijn leuk, maar eigenlijk niet meer van deze tijd. De presentaties van nu zijn Pecha Kucha’s, korte kernachtige animaties of fraaie infographics!

Met deze voorbeelden kom je gelijk tot de kern van de zaak. In een korte boodschap moeten leerlingen het onderwerp overbrengen. Dus moeten ze goed nadenken wat ze willen vertellen en wat de kern van de opdracht / het project is. Je gaat dus niet eerst zoveel mogelijk info verzamelen wat je vervolgens in een Powerpoint moet stoppen, maar bedenkt: ik moet in een x-tijd iets presenteren  over onderwerp-y . En van daaruit ga je de opdracht uitvoeren en direct al rekening houden met de samenvatting. En dat wordt nog leuker en efficiënter in samenwerkingsverband!

Probeer het eens! Pikochart is bijvoorbeeld een leuke tool! En als je toch bezig bent, misschien ook iets om de schoolgids in die vorm te gieten? Wedden dat ouders enthousiast worden en dat wel lezen? 

 

Games als vak in Onderwijs

Gisteren las ik met interesse het artikel ‘Zweedse school geeft les met Minecraft’

Er is veel te vinden over gaming in het onderwijs. Waren games 10 jaar geleden nog ‘spielerij’ en ‘not done’ – behalve op de vrijdagmiddag – nu merk je dat er na veel onderzoek met positieve resultaten, ervaringen, ontwikkelingen en inzichten van leerkrachten gaming steeds meer een plek krijgt in het onderwijs. Wat is er uitdagender om spelenderwijs (onbewust) te leren? Het is toch gaaf om, met slimme truukjes, vrienden te verslaan en badges te verdienen? Vaak zijn games daarbij gericht op 1 vakgebied of op het ontwikkelen van vaardigheden ontwikkelen (zoals automatiseren) waarbij kinderen door het behalen van credits, gifts, badges enz. beloond worden (Pavlov? ;) )

Wat er in Zweden gebeurt is niet nieuw, maar dat het verplicht wordt als vak is wel een boeiende ontwikkeling. Minecraft wordt dus in feite gebruikt om alle verworven vaardigheden en kennis te gebruiken om het spel optimaal te spelen. En loop je ergens tegenaan? Dan ga je onderzoeken hoe je dit het beste kan tackelen. Zelf, samen met je klasgenoten of met hulp van je leerkracht. Het spel is een continu proces, dus je bent niet met een eindproduct (toets) bezig.

Dus geen CITO-toets meer – maar een game om inzicht te krijgen in de ontwikkelde vaardigheden!

De toekomst van het klaslokaal

Vanochtend las ik een blog met als titel: ‘The Future of Classrooms’. Hierin wordt verwezen naar de voorspellingen van Larry Cuban, onderwijsprofessor op Stanford University.

Zijn visie is interessant, en wat hij benoemt zie je nu ook in de praktijk gebeuren: de trend naar digitalisering van leermaterialen, Learning Analytics / datamining en de veranderende rol van de leerkracht. Cuban is verder kritisch over online cursussen en de manier waarop nieuwe technologie ingezet wordt in het onderwijs: het wordt merendeel ingezet als vervangend materiaal zodat het onderwijs exact hetzelfde blijft en er didactisch en pedagogisch niets verandert.  John Moravec hamert hier ook steeds op.

De blog lichtte één aspect uit: de toekomst van het klaslokaal. In Nederland zie je enkele pioniers die zich daar volledig op richten: open leerruimten, veel glas, flexibel ingericht waardoor homogene groepen (ingedeeld op niveau per vakgebied) les kunnen krijgen en ingericht voor voor- en naschoolse opvang. Dat staat haaks op wat Cuban voorspelt. Hij zegt juist dat in 2023 het lokaal nog net zo herkenbaar is als nu, of 50 jaar geleden.

Dit zie ik als een waarschuwing. Als we nieuwe media als ‘vervangend’ blijven gebruiken (Schools should not use new technologies to teach the same old crap’- Moravec) en niet zorgen voor een verandering in de onderwijsvisie, mede gebaseerd op society 3.0 waarbij de veranderende rol van de leerkracht centraal staat, denk ik dat Cuban best eens gelijk kan krijgen. Op een paar pioniers daargelaten.

Volgens mij begint dat met de deuren open te gooien en te kijken naar de huidige maatschappij, en met name hoe kinderen er hier zich in bewegen en ontwikkelen.

 

 

 

The Flipped Classroom

Uit onderzoek blijkt maar weer dat ‘ontdekkend onderwijs’ het meeste leerrendement biedt, als het gaat om het inzetten van ICT-middelen.

Ondertussen zie je wereldwijd de trend ontstaan rond ‘flipped classroom’ – waarbij de uitvoerende rol van de leerkracht verandert van ‘doceren’ naar ‘coachen’. Eigenlijk is dat geen nieuws en al helemaal geen nieuwe ontwikkeling. Veel leerkrachten werken al jaren voor een deel op deze wijze. Omdat ze bijvoorbeeld 3 groepen tegelijkertijd moeten draaien (krimp), omdat er veel zorgleerlingen in de groep zitten (passend onderwijs), omdat de groepen veel groter worden (budget) of omdat het een kenmerk is van het onderwijstype.

Of de coachende rol uit nood geboren is, of juist past bij de onderwijsvisie van de school: het is altijd behelpen geweest. Iedereen vond zijn eigen systeem uit en elke leerkracht had vaak zijn/haar eigen manier van werken hierin gevonden.

Door de komst van de tablet, social media, breedband / glasvezel, educatieve content, MOOC’s, digitale toetsen en de huidige samenleving kan het organiseren van een flipped classroom in de klas wel een stuk eenvoudiger worden. Het betekent alleen ook dat de huidige, en de nieuwe generatie, leerkrachten de digitale didactiek onder de knie moeten hebben. Dus weg dat oude DA-formulier, op naar het DDA-formulier!

Saillant detail: uit hetzelfde onderzoek van Kennisnet blijkt dat we in onderwijsland weinig investeren in professionalisering…. en ijzersterk zijn in het maken van protocollen!